Misofonie bij kinderenTips voor ouders

Als uw kind misofonie heeft, wilt u het natuurlijk zoveel mogelijk steunen. Tegelijkertijd wilt u er wellicht ook voor zorgen dat niet alles in uw gezin draait om de aandoening van uw kind. U staat voor de uitdaging om het voor alle gezinsleden leefbaar te houden. Hier vindt u enkele tips voor ouders.

‘Onze dochter van 10 kan sinds een jaar niet meer tegen onze slikgeluiden. Ze heeft een halfjaar op haar slaapkamer gegeten. Nu zit ze weer in de kamer, weliswaar met de rug naar ons toe en de iPhone dopjes met harde muziek in haar oren. Vreselijk voor haar, maar iedereen loopt op de tenen. Niemand in ons gezin eet of drinkt als zij in de buurt is.’ – Anja

Wat kunt u doen als uw kind misofonie heeft?

  • Maak (en houd) het bespreekbaar, maar alleen op het moment dat uw kind kalm is. Neem uw kind serieus en stel vragen.
  • Laat merken dat u van misofonie op de hoogte bent. Toon begrip.
  • Maak afspraken over hoe er binnen het gezin mee omgegaan wordt. Broertjes en/of zusjes op de hoogte brengen, of juist niet? Een andere plek aan tafel, of juist niet? Op de eigen kamer eten, of juist niet? Zoek naar een manier die voor iedereen acceptabel is. Uw kind zal zich extra naar voelen als het op de eigen kamer moet eten zonder dat het daarvoor toestemming en begrip heeft gekregen van de overige gezinsleden.
  • Bespreek of en wanneer u hulp gaat zoeken. Overleg met uw kind over wanneer u uw kind bijvoorbeeld aanmeldt voor behandeling bij het AMC.
  • Zeg geen dingen als ‘Je moet er gewoon niet zo op letten’. Uw kind wil dat ook niet, maar het ‘erop letten’ hoort bij de aandoening. Het is geen keuze.
  • Ook met opmerkingen als ‘Maar je doet het zelf ook’ kunnen kinderen niks.
  • Misofonen kunnen heel goed voorspellen wanneer de triggers gaan komen. Deze voorspelbaarheid activeert hun anticipatieangst (verwachtingsangst) en hyperfocus. Ze zijn daarom gebaat bij afwisseling en verrassing. Varieer eens met etenstijden, tafelschikking of menu. Kijk eens kritisch naar uw gewoontes en die van andere gezinsleden. Doorbreek vaste patronen waar mogelijk. En doe eens een spelletje aan tafel, dit geeft afleiding en maakt het samen eten misschien weer leuk. Of doe bijvoorbeeld eens een wedstrijdje vies eten.
  • Besef dat oplossingen als op de eigen kamer eten of oordopjes dragen tijdens het eten goed kunnen zijn voor de lieve vrede, maar dat de misofonie er erger door wordt. De toch al geringe tolerantie voor de triggergeluiden neemt alleen maar verder af.
  • Misofonie kan zo’n negatieve stempel op de sfeer in huis drukken dat wel eens wordt vergeten dat degene met misofonie ook leuke kanten heeft. Bied ruimte voor de leuke kanten. Tapt uw kind graag moppen? Laat het aan tafel dan moppentappen. Kan uw kind goed zingen? Kies een moment in de week waarop hij of zij in de schijnwerpers mag staan, en dan ook op zijn of haar voorwaarden (verboden chips te eten!). Uw kind kan dan even voelen dat het meer is dan de misofonie alleen.
  • Zie ook onze tips voor misofonen en kijk hoe u bijvoorbeeld ontspanning een vast onderdeel van de dag kan maken. Maak afspraken over vaste rustmomenten.

Het karakter van een kind speelt een grote rol bij de manier waarop hij of zij haar gevoelens uit. Introverte kinderen zullen eerder geneigd zijn om zich af te zonderen en de woede in te slikken of op een andere manier ventileren. Kinderen die gewend zijn om hun emoties vrij te uiten, zullen ook de woede en walging er makkelijker uit gooien.

Dat u als ouder(s) vaak de volle laag krijgt, heeft er mee te maken dat uw kind zich meestal makkelijker bij u uit dan bij bijvoorbeeld klas- of studiegenoten of collega’s. Vaak hebben mensen met misofonie zich al de hele dag moeten inhouden op school of op het werk, en ontladen ze zich thuis.

Jonge kinderen en tieners begrijpen vaak zelf niet waarom ze zo heftig reageren op alledaagse geluiden. U kunt uw kind steunen door informatie in te winnen over misofonie. Soms helpt het om te snappen wat er allemaal met je gebeurt.

Rekening houden

Als iemand met misofonie merkt dat er rekening wordt gehouden met zijn of haar triggers, dan neemt dat de spanning deels weg. Er ontstaat wel woede maar minder vaak of minder heftig. Dus als de andere gezinsleden alleen al probéren geen triggergeluiden te maken, dan voelt het kind met misofonie zich serieus genomen. Sta bijvoorbeeld toe dat de radio altijd aan mag tijdens het eten, of eet geen appel in de buurt van het kind. Dergelijke kleine aanpassingen kunnen het leed van misofonen behoorlijk verzachten.

Sommige kinderen, pubers vooral, vinden dat iedereen maar rekening met hen moet houden. Natuurlijk helpt u uw kind door rekening te houden met zijn of haar gevoeligheid en door begrip te tonen. U helpt uw kind echter niet door volledig mee te gaan in de vermijding en door uzelf in allerlei bochten te wringen om te voorkomen dat uw kind getriggerd wordt. Bewaak wel uw eigen grenzen.

‘Bij ons is er een afspraak dat wij niet altijd in ’t gareel springen zodra onze dochter (13 jr.) binnenkomt. Maar zij mag ten alle tijden uit de situatie weglopen! Ze moet alleen goed leren aanvoelen wanneer dat is, want vaak wacht ze te lang en is de frustratie te hoog opgelopen. Wij willen ons best aan haar aanpassen maar hebben daarin wel grenzen. Het probleem hoort bij haar, niet bij ons. Ze doet het niet expres en ze kan er niets aandoen dat ze ’t heeft, maar ze moet ook beseffen dat wij ook “normaal” moeten leven.’

– Mariël Bogaerts van Hulten

Als een kind vooral getriggerd wordt door een bepaald gezinslid, kan dit de relatie met dit gezinslid behoorlijk verstoren. Zeker als het idee bestaat dat de ander het met opzet doet. Die ander kan dan vaak helemaal niets meer goed doen. Bij misofonie is de boosheid gekoppeld aan een geluid of een beweging en niet aan de persoon die het geluid of de beweging maakt. Als uw kind boos wordt, heeft het waarschijnlijk zelf niet door dat het om het geluid gaat en niet om de maker ervan. Het kan zijn dat het op dat moment gevoelens van haat ervaart voor de maker. Dat ebt weer weg als de woede gezakt is.

Iedere puber is regelmatig om allerlei redenen boos op zijn of haar ouders. Voor een puber met misofonie én voor de ouders is het vaak lastig om onderscheid te maken tussen ‘gewone’ boosheid en misofoniegerelateerde boosheid. De ouder op wie de misofoniegerelateerde woede vooral gericht is, vat het -heel begrijpelijk- vaak persoonlijk op. Het kan zijn dat de boosheid van het kind alleen een reactie is op geluiden of bewegingen die die ouder maakt, en niet op de ouder als persoon.

Deel dit opShare on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someonePrint this page